Merlinde Zoet | 9 september 2016
Ik ben en blijf docent.. tot ik erbij neerval!
Op vrijdag 9 september 2016 nam Merlinde Zoet (afgestudeerde) het woord tijdens de diploma-uitreiking van de postinitiële hbo-masteropleiding voor leraar humanistische vorming en levensbeschouwing. Zij vertelde op pakkende en indrukwekkende wijze over haar stage- en studieperiode, het vak en haar visie daarop.
“Tegen de geslaagden zou ik graag willen zeggen: gefeliciteerd met het behalen van jullie lesbevoegdheid voor leraar HL in het voortgezet onderwijs! Tegen alle dierbaren zeg ik namens mijzelf en al die kersverse docenten: sorry! Sorry voor al die uren dat we er het afgelopen schooljaar niet voor jullie waren. Sorry dat we alleen aandacht hadden voor onze leerdoelen, onze uitgebreide lesvoorbereidingsformulieren en die leuke activerende werkvorm die slechts vier uur kaartjes knippen kostte.
Want docent ben je nu eenmaal niet van 9 tot 5
Docent ben je tot je dat ene filmpje hebt gevonden dat precies past bij je uitleg over indeling van een moskee, tot je kerstvakantie al 3 dagen is begonnen en tot alle toetsen zijn nagekeken. Docent ben je tot je erbij neervalt.
Een paar maanden op weg in mijn stage mailde ik mijn docent over de hoeveelheid tijd die alles mij soms kostte. Was dat normaal? Wat betekende dat als ik zo meteen aan het werk zou gaan als docent? Ze schreef bemoedigend terug: ‘Een beginnend docent die kwaliteit wil leveren, heeft inderdaad geen leven!’ Met een knipoog erbij om de pijn wat te verzachten… Het schijnt beter te worden naarmate je meer ervaring opdoet. Of een beetje pragmatischer wordt.
Toch zeg ik ook sorry tegen jullie, de niet-docenten in deze zaal, omdat jullie zoveel moois moeten missen. Want wanneer je nog nooit voor de klas hebt gestaan, weet je niet hoe het is om jonge mensen aan het werk te zien gaan voor hun toekomst, ze door het jaar heen volwassener en wijzer te zien worden. Dan ken je dat moment niet, waarin blijkt dat leerlingen soms veel wijzer zijn dan hun leeftijd. Zeker bij het vak Levensbeschouwing blijft dat een mooie verrassing. Tijdens een les over ethiek zei een leerling bijvoorbeeld: ‘Mevrouw, ik vind niet dat je goed en slecht echt van elkaar kan scheiden. Het is denk ik net als licht en donker, we kennen het verschil alleen maar doordat het een het ander veroorzaakt. Het heeft elkaar een soort van nodig.’
Levensbeschouwing doet er toe
Deze uitspraak laat ziet waarom Levensbeschouwing wat mij betreft het belangrijkste vak op de middelbare school is, en NIET de reputatie verdient die het nog maar al te vaak heeft. Iemand zei tijdens mijn stage iets dat een groot contrast vormt met de wijsheid van die ene leerling. Hij zei: ‘Levensbeschouwing… daar leerde je hoe een of andere kandelaar uit het Jodendom heette…en dan?’ HVO-ers zullen begrijpen dat ik dit beeld graag wil veranderen, want religie is onmiskenbaar een grote speler in onze wereld en om dat beter te begrijpen zullen we er dus iets vanaf moeten weten. Maar voor mij is misschien nog wel belangrijker dat het vak niet alleen gaat over religie, maar ook in algemenere zin over eindeloos nieuwsgierig zijn en daardoor ontdekken waar je zin van krijgt in het leven. Juist in deze tijd is het belangrijk voor jongeren om daar zicht op te krijgen en wij, docenten Levensbeschouwing, weten dat dat één les per keer gebeurt. En daarom, lieve dierbaren, weten wij niet van ophouden: we zijn onmisbaar. Dat werd mij duidelijk toen ik op school een poster zag hangen met daarop de tekst: ‘Zonder jouw docenten had je dit niet kunnen lezen.’ Die poster hing er voor leerlingen, maar hij gold natuurlijk evengoed voor mijzelf, en niet alleen wat betreft mijn leesvaardigheid. Ik heb ook docenten gehad die mij geïnspireerd hebben, mij uitgedaagd hebben om verder te kijken dan mijzelf en verder te reiken naar een ander. Een paar van die docenten zitten hier in de zaal, waarvan ik de belangrijkste twee, mijn ouders, bij deze gelegenheid wil bedanken voor hun wijsheid, kennis en vaardigheden die zij aan mij hebben doorgegeven, soms tegen mijn beter weten in. Daardoor ben ik nu in staat om mijn eigen verworvenheden weer door te geven aan anderen. Ik zei eerder sorry tegen de niet-docenten in de zaal die zoveel moois missen, maar eigenlijk zijn die er niet. Ik weet namelijk zeker dat iedereen van ons zo’n belangrijke docent heeft én er zelf een is of zal worden in het leven van anderen, dus aan al die docenten zeg ik ook: dankjewel! Mijn laatste woord gaat uit naar de mensen die geduldig wachten tot mijn wijze les erop zit. Aan hen zeg ik: sorry, ik ben én blijf docent en zal doorgaan tot ik erbij neerval!”